De Winkelhaak (dewinkelhaak.net)
 
  Home

De kazerne

VVDM-afdeling Nunspeet

Kazernekranten

Artikelen

Boeken

Contact
  VVDM gered door CPN (2) Een voorlopig antwoord

Minister Vredeling wilde een antwoord van de VVDM, maar hoe dit te formuleren? Vooruitlopend op de Bijzondere Leden Vergadering die het definitieve antwoord zou moeten formuleren, werd door het bestuur een concept opgesteld.

Het gesprek met Vredeling op 14 april 1976 zou gaan over tegenwerking tijdens de ledenwerving. Zover kwam het niet, Vredeling wilde slechts weten of de VVDM het weigeren van dienstbevelen als beleidsinstrument hanteerde. De VVDM-delegatie toonde zich verbaasd en overdonderd, en antwoordde: 'Wij zoeken niet het conflict. Maar als geprobeerd wordt met dienstbevelen de VVDM tegen te werken, kan het nodig zijn bevelen niet op te volgen.' Met dat antwoord nam de minister geen genoegen en beëindigde het overleg. Hij zou zijn vraag opsturen en gaf de VVDM een maand de tijd om te reageren.*


Minister van Defensie Henk Vredeling (foto: Peters, Hans/Anefo, NA 2.24.01.05, 927-2248)

Op de bijeenkomst van 22 april van de Landelijke Strategie Kommissie (LSK) van de VVDM, waar het hoofdbestuur en vertegenwoordigers van diverse afdelingen aan deelnamen, moest een begin van het antwoord worden geformuleerd. De bijeenkomst moest richtlijnen opstellen voor de Bijzondere Leden Vergadering (BLV) die voor 28 april stond gepland. Voorzitter Theo de Roos noemde de vraag van Vredeling een truc om het punt van tegenwerking te omzeilen en hij vond dit passen 'in de huidige hetze in de media en op de kazernes tegen de VVDM.' Hij schetste echter het gevaar dat: '... als we toegeven dat weigeren van dienstbevelen een beleidsinstrument is, we op geen enkele steun vanuit politieke partijen en vakbonden kunnen rekenen.'** Het gevolg zou regelrechte isolatie van de VVDM zijn en haar ondergang kunnen betekenen. Het bestuur wilde in geen geval in 'die hoek gedrukt worden'. Vooral niet nu men terug wilde keren in het Georganiseerd Overleg tussen ministerie en militaire vakbonden, waar de VVDM enige tijd geleden was uitgestapt. Er stond met het antwoord veel op het spel.

De volgende dag ging een persbericht de deur uit waarin werd uitgelegd dat de BLV de week erop met een antwoord aan de minister zou komen. Dat antwoord zou een reeks elementen moeten bevatten. Als eerste: 'De vraag van de minister wordt ontkennend beantwoord; het weigeren van dienstbevelen behoort niet tot de beleidsinstrumenten van de VVDM.' Het persbericht ging verder in op de achtergronden van het conflict: de belemmering van ledenwerving die in strijd was met de gemaakte afspraken tussen VVDM en Defensie.^

'Capitulatie-brief VVDM aan Vredeling' kopte het Limburgs Dagblad op 24 april en het NRC had als kop: 'VVDM van 'heilloos pad' teruggekeerd'. De hetze in (een deel) van de pers waarover De Roos had gesproken was reëel. Het Limburgs Dagblad had eerder in een redactioneel commentaar geschreven dat er maar eens onderzoek gedaan moest worden naar de achtergronden en werkwijze van de VVDM. Wat is de VVDM eigenlijk? vroeg het LD zich af: 'Een vakvereniging met een oprechte sociale doelstelling? Of een werktuig - van wie, van wat? - om een niet onbelangrijk instrument van de staat te ontkrachten?'^^
De VVDM was haar krediet kwijt bij een deel van de maatschappij; en in het leger bij veel beroepsmilitairen als gevolg van allerlei kleinere acties en incidenten. Wat de bereidheid tot tegenwerking deels verklaart. Maar ook bij politiek rechts, zoals VVD-Kamerlid Ploeg liet merken in een interview: minister Vredeling moest alle overleg schorsen, zeker nu de VVDM zich als politieke pressiegroep manifesteerde. Ploeg maakte ook bezwaar tegen de stakingsactie in Zuidlaren in februari.# Deze actie werd niet ondersteund door de VVDM, maar dat maakte in de beeldvorming niet uit.

Het wachten was nu op de avond van 28 april. De actieve leden kregen ter voorbereiding het BLV-boekje opgestuurd met het verslag van de LSK en de conceptbrief aan Vredeling. Tevens bevatte het de uitgangspunten voor het Georganiseerd Overleg, als de VVDM daar weer aan deel zou nemen.

Naar artikel 3

* BLV-boekje voor 28 april 1976.
** Idem.
^ Idem.
^^ Limburgs Dagblad 17-04-1976.
# Nieuwsblad van het Noorden 27-04-1976.


 
De oorlogsverklaring van de korporaals

Terwijl Vredeling de VVDM met de rug tegen de muur duwde, deed ook de Landelijke Korporaalsvereniging (LKV) een duit in het zakje.
De korporaals waren het zat, ze konden niet anders, de VVDM had het echt te bont gemaakt en op 23 april 1976 verklaarde de LKV de 'oorlog' aan de VVDM. Het smeulde al jaren binnen de rangen van de beroepskorporaals, maar het gespot met prins Bernhard in VVDM-blad Twintig was de spreekwoordelijke druppel. De korporaals waren nu eenmaal vurige aanhangers van het vorstenhuis. Er was meer oud zeer dan de aanval op de prins (die niet vies van steekpenningen was gebleken), zo ergerden de korporaals zich al jaren aan dienstplichtigen, wat geweten werd aan de VVDM. Dienstopdrachten die niet werden opgevolgd en dan werd de korporaal vaak op het matje geroepen als hij een rapport opmaakte, niet de soldaat. Acties van soldaten die een doorn in het oog waren en taalgebruik dat 'diep in het vlees van deze groep vaderlands gezinde militairen snijdt.'*
Volgens LKV-voorzitter M.C.A. Meijer in het Nieuwsblad van het Noorden dat een interview met hem had, was er na zijn uitspraken lichte paniek bij de VVDM uitgebroken. En waren er veel adhesiebetuigingen ontvangen; ook een van paleis Soestdijk, van de prins zelf!

*Nieuwsblad van het Noorden 05-05-1976
Bovenstaande bewoordingen zijn deels overgenomen van het Nieuwsblad. Bij lezing kun je het vermoeden krijgen dat de verslaggever de LKV niet helemaal serieus nam.