De Winkelhaak (dewinkelhaak.net)
 
  Home

De kazerne

VVDM-afdeling Nunspeet

Kazernekranten

Artikelen

Boeken

Contact
  Vechten voor je land. Doet u ook mee?

“Bent u bereid te vechten voor uw land?” luidde de vraag in een wereldwijd onderzoek van Gallup uit 2015. De bereidheid om daar ja op te zeggen in Nederland was laag, erg laag. Is dit verontrustend?

Het onderzoek uit 2015 had al eerder aanleiding gegeven tot gereaguur, maar onlangs linkte The Post Online (tpo.nl) naar de uitkomsten en enige commentaren daarop, zonder dat duidelijk werd dat het hier 'oud nieuws' betrof. Voor we ingaan op meningen van mensen op internet, eerst het onderzoek en de uitkomsten.

Gallup is een gerenommeerd en wereldwijd onderzoeksbureau. Behalve de uitkomst van het onderzoek naar bereidheid lichtte het ook de methodiek toe. Wereldwijd werden 62.398 mensen ondervraagd, in ieder land werd een representatieve steekproef gehouden onder ongeveer 1000 mannen en vrouwen. Globaal leverde dat het volgende beeld op. Van de mannen antwoordde 67% dat ze bereid waren voor hun land te vechten, van de vrouwen 52%. De bereidheid onder de leeftijdsgroep van 18 tot 34 jaar was met 66% het hoogst. Verder bleek dat de bereidheid onder moslims met 78% het hoogst was als gekeken werd naar religie en dat de uitkomsten in roerige regio's als het Midden-Oosten en Voor-Azië dat weerspiegelden. In West-Europa was de bereidheid het laagst met als hekkensluiter de Nederlanders met 15%.

Europa, percentages per land
Finland 74 Denemarken 37
Oekraïne 62 Frankrijk 29
Rusland 59 Portugal 28
Zweden 55 Verenigd Koninkrijk 27
Bosnië 55 IJsland 26
Griekenland 54 Bulgarije 25
Polen 47 Tsjechië 23
Servië 46 Spanje 21
Letland 41 Oostenrijk 21
Zwitserland 39 Italië 20
Macedonië 38 België 19
Ierland 38 Duitsland 18
Roemenië 38 Nederland 15
Bron: WIN/Gallup International


De tabel laat duidelijk zien dat de Europese landen met de hoogste percentages in het oosten of op de Balkan liggen. In het relatief veilige westen zien veel minder mensen de noodzaak tot bereidheid om te vechten voor hun land, laat staan te sneuvelen. Ene BvS schreef als reactie op de uitkomsten:

“Toch slim van de Nederlander. Laten we eerlijk blijven. Voor wie vecht je dan? Die neoliberale misdaad organisatie die we VVD/D66 noemen en heel Nederland kapot heeft gemaakt. Voor de Nederlander jong of oud geen huis te krijgen, je voorvaderen hebben het allang opgebouwd en de smeerlap van Rutte en Penthouse (Alexander Pechtold, red.) geven het weg aan moslimparels met een zak geld. Keiharde realiteit de gewone Nederlander mag doodvallen. En voor zo kutland moet je vechten?”

En dat was niet de enige reactie van dit type. Het is een teken van maat-schappelijke onvrede, maar het is ook een reactie uit luxe, uit het idee dat ons niks kan overkomen. In landen waar men wel dat idee heeft en onveiligheid voelt reageert men anders.
Deze perceptie is gevaarlijk want mede hierdoor heeft Nederland een krijgsmacht die nog maar in weinig pakjes boter een deuk kan slaan. Niet alleen is er geen bereidheid om te vechten, er is ook geen bereidheid om voldoende geld voor defensie vrij te maken. Dat laatste is veel erger en het kwaad is al geschied omdat het lang duurt voordat investeringen in de krijgsmacht effectief zijn. De geringe bereidheid van de Nederlander is veel minder een probleem en kan vanaf de ene dag op de andere omslaan. De aanhangers van het gebroken geweertje losten tijdens de Tweede Wereldoorlog op als sneeuw voor de zon.


 
Serieuze problemen

Twee jaar geleden was de krijgs-macht de risee vanwege een munitietekort. Tijdens oefeningen moest men pangpang! roepen. Eerder kochten militairen die zouden worden uitgezonden voor eigen rekening zelf maar delen voor hun persoonlijke uitrusting, omdat de foerier die niet kon leveren.
Materiële tekorten, maar ook personele. Het lukt de laatste jaren maar niet om voldoende vrijwilligers te werven. Als consequentie hiervan zijn gevechtsonderdelen van mariniers en het leger wegens personeelstekorten opgeheven, aldus De Telegraaf van 12 maart 2018.