De Winkelhaak (dewinkelhaak.net)
 
  Home

De kazerne

VVDM-afdeling Nunspeet

Kazernekranten

Artikelen

Boeken

Contact
  12 Gnkcie ging een dagje uit
Door: Frank Oosterboer

Als een der laatste regimenten ontbrak het de Geneeskundige Troepen aan een vaandel. Dat werd, eindelijk-eindelijk, recht gezet in 1979. Daarom werden een flinke bende militaire hotemetoten, koningin Juliana en ook 12 Gnkcie uit Nunspeet en haar zustercompagniën uitgenodigd om deze plechtige gebeurtenis bij te wonen.

Het onofficiële steekwoord voor zo'n dag is strak! Strakke protocollen, strakke planning en voor sommige kaderleden strakke gezichten. Van te voren werd een draaiboek gemaakt en de eenheden die de plechtigheid zouden bijwonen verteld wat er van ze werd verwacht. Voor ons bestond de voorbereiding uit oefenen wat je moest doen als de koningin zou langslopen om de troepen te inspecteren en als het vaandel langs werd gedragen. Plus een instructie in geval van flauwvallen. Dat was vooral een instructie voor de naaststaande maten en niet zozeer voor degene die niet eens een half uurtje kon stilstaan.

Op 10 april was het zover. Iedereen in het VT, stropdassen recht! en instappen in de twee gereedstaande touringcars op weg naar Hilversum. Het laatste eind van de reis ging door het bos naar de nieuwe kazerne van de Geneeskundige Troepen. Dit uit de oorlog stammende kamp, het Marine Opleidingskamp Hilversum (MOKH) werd op diezelfde 10 april de officiële opvolger van de afgestoten Juliana van Stolbergkazerne.
We stapten de bussen uit een groot exercitieterrein op en stelden ons op in het aangewezen vak aan de kant van een groot en somber ogend gebouw. Naast ons werden andere eenheden opgesteld en aan de overkant van het plein de hoge genodigden. Steeds meer officierenpetten met rode banden telde ik onder hen, minstens twaalf. Destijds barstte het Nederlandse leger van de generaals, meer dan 100 volgens de kranten. Toen werd het wachten, het was tot dan vooral saai.



Inspectie van de troepen. (foto: Rob C. Croes/Anefo, NA 2.24.01.05, 930-2123)


Reikhalzend keek ik uit naar de koningin. Volgens alle verhalen was Juliana een heel normale vrouw zonder poeha. Toen ze eindelijk langskwam leek haar gezicht in de stand 'ik was liever ergens anders geweest' te staan. Terwijl ze voorbij liep moesten wij dat kleine beetje extra exercitie tonen dat we kort te voren hadden geleerd. Op indrukwekkende wijze riep de flink besnorde commandant van de compagnie naast ons: “Geeft.....Acht!!” Zou onze kapitein dat kunnen evenaren vroeg ik me af. Onze kapitein had wel een snor maar was niet zo'n schreeuwer en even vreesde ik het ergste. Zou zijn stem niet overslaan? Maar het ging goed. Niet indrukwekkend, wel voldoende. Onze hoofden draaiden naar de vorstin en draaiden met haar mee tijdens het langslopen.



De uitreiking van het vaandel aan Lt.kol. J. Kruik. (foto: Rob C. Croes/Anefo, NA
2.24.01.03, 930-2119)



Even later gevolgd door de vaandeluitreiking, waarna de vaandelwacht met het felbegeerde doek langs de troepen marcheerde. De mannen van de vaandelwacht namen erg hoge passen, alsof ze door modder moesten waden en liever geen natte sokken wilden krijgen.
En dat was het, einde plechtigheid. Wij gingen naar dat sombere gebouw waar we een luchpakket kregen, de 'overkant' ging borrelen. Alles was op rolletjes verlopen; het weer had meegewerkt, er was niemand flauw gevallen en de gegeven orders waren netjes opgevolgd. Een dag om in te lijsten en best bijzonder, want hoeveel militairen maken dit nu mee? Jaren later sprak ik een beroeps van de Geneeskundige Troepen met meer levensjaren dan ik en informeerde of hij er die dag bij was geweest. Dat was niet het geval moest hij toegeven en fijntjes wreef ik mijn eigen aanwezigheid er bij hem in.


 
Waarom door Juliana?

Jarenlang had haar echtgenoot, de Prins der Nederlanden, de functie van inspecteur-generaal der krijgsmacht uitgeoefend en bij talrijke gebeurtenissen de honneurs waargenomen.
De prins die tot grote hoogte was gestegen zonder de bijhorende militaire opleiding genoten te hebben, beschaamde het in hem gestelde vertrouwen door geld van de Amerikaanse vliegtuigbouwer Lockheed aan te nemen en de keuze voor gevechtsvliegtuigen voor de Nederlandse luchtmacht te beïnvloeden. Toen dit in 1976 uitkwam was de Lockheedaffaire geboren en de prins kon niet anders dan zijn militaire functies beëindigen.